Loslaten in vertrouwen.

Op youtube staan ted talks van Esther perel die veel onderzoek naar relaties deed. In deze lezing komt ook iets voor over kinderen en loslaten en dat boeide me erg. In gedachten ging ik terug naar zo’n jaar of 15 geleden. Ik was op een verjaardag waar ook veel kinderen waren die samen in de kamer aan het spelen waren. Naast mij zat een moeder met een peuter van ongeveer 2 jaar die angstig aan haar been hing.
Wat moet ik doen,  vroeg ze mij. Hoe krijg ik het voor elkaar om haar met de anderen mee te laten spelen? Ik sprak maar gewoon mijn eerste gevoel uit. Ik zei dat ze geen aandacht aan haar kind moest schenken en gewoon gezellig met met mij moest gaan praten. Laat je kindje maar hangen. als jij het gevoel gaat uitzenden dat het hier veilig en gezellig is, zal zij straks vanuit jouw vertrouwen voorzichtig op pad gaan. Dus duw haar niet boos weg en ga haar ook niet extra aanhalen. Het eerste maakt haar onzeker om ze jouw steun moet missen en het tweede maakt haar bang omdat jij haar laat voelen dat het hier inderdaad niet veilig is.
De moeder deed wat ik zei en na een kwartiertje schuifelde het kindje voorzichtig richting anderen. Iemand gaf haar een speelgoedpop en even later zat ze te spelen met een ander kind.
De wereld in gaan als je richting volwassenheid gaat voelt het veiligst als je weet dat je ouders je vertrouwen en als je weet dat wanneer je terug komt van je omzwervingen er altijd een thuisbasis is die je verwelkomen zal.
Volgens Esther perel zijn er drie soorten kinderen als het gaat om je vleugels durven uit slaan in de wereld.
Het eerste kind wordt thuis niet gestimuleerd om uit te vliegen maar zelfs tegengehouden doordat de ouders allerlei gevaren en problemen aandragen die hem misschien te wachten staan. Ze kunnen ook aangeven dat ze bang en verdrietig worden als hij weggaat of dingen doet die zij zelf niet durven. Het kind wordt ook bang of vindt dat het zijn moeder niet in angst mag achterlaten en zal zijn vrijheid opofferen voor het thuisfront uit angst het te verliezen.
Het tweede kind krijgt hetzelfde mee als het eerste maar misschien in mindere mate. Hij gaat desondanks toch de wereld in maar zal steeds achterom kijken. Hij is dus wel in bv afstand weg , maar gevoelsmatig nog steeds thuis. Dit levert dus geen echte vrijheid op.
Het derde kind heeft geluk. De ouders hebben zelfvertrouwen en vertrouwen in hun kind. Ga maar, je redt het wel. Leef en geniet van alles wat de wereld je te bieden heeft en als je weer thuis komt zijn we benieuwd naar alles wat je hebt meegemaakt. Dit kind zal werkelijke vrijheid ervaren en het vertrouwen hebben dat hoe lang hij ook wegblijft, er altijd iemand op hem wacht.
Helaas is de laaste groep het kleinst , denk ik. Het is voor ouders niet altijd makkelijk om hun kind op de juiste manier los te laten.
Als je als ouder zelf nog nooit verder bent geweest dan je geboortedorp en nog steeds voor dezelfde baas werkt, dan kan het beangstigend zijn als je kind ineens naar de andere kant van de wereld wil of van de ene baan naar de andere hopt.
De mate waarin jij jezelf veilig voelt, zal de maat zijn voor je kind. Kijk maar eens terug naar je eigen jeugd. Hoe gingen jouw ouders om met loslaten en uitvliegen ? Daar komt bij dat de wereld van nu veel groter is dan die van ouders die zo’n dertig a veertig jaar geleden opgroeiden . Internet , goedkoop vliegen , jaarcontracten ipv een vaste baan enz zijn allemaal van deze tijd en daardoor zijn de mogelijkheden voor de jeugd nu talloos. Het gaat hier dus niet over schuld! Wel over doorbreken van patronen en zoeken naar vrijheid. En wat is vrijheid?
Zit vrijheid in gaan staan en gaan waar je wilt? In je geest, want je gedachten zijn alleen van jou? Een discussie op zich.
Ik voel me vrij als ik de dingen doe die me blij  maken en voldoening geven.
Wat is vrijheid voor jou?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *